Omvormen
Waarom niet alle dagen ‘warme-truien-dag’ vroeg ik aan het kind?
Zo zou toch ook het afzien van alcoholgebruik het normale patroon kunnen zijn?
Ooit was dat zo.
We kunnen alcohol opnieuw heiligen en er een ritueel gebruik van maken; zeg, twee keer per jaar.
Wanneer je eerste glaasje een inwijdingsritueel wordt voor onze jongeren leren zij gelijk de grenzen te stellen, door onze ouderen.
Met straffen wordt de jonge mens niet vooruit geholpen.
De oudere overigens ook niet.
Wanneer we het onderliggend gevoelsmotief ontdekken dat aan alcoholgebruik ten grondslag ligt en het gezamenlijk duiden, interpreteren en vieren kan sprake zijn van werkelijke verbinding en herbergzaamheid.
Die is nu zoek. Terwijl daar wel het verlangen schuilt.
Emotionele honger en verdringing van die behoefte leidt tot verdoving; alcohol is daarvoor een uitgekiend middel.
Er is nood aan verbinding; alcoholisme is te diepste een spirituele schreeuw om mededogen.
Ook hier is de immense treurboog – uit te reiken naar de ander – zichtbaar aan het werk.
Het is de poging tot bekennen die telt.
Deze erkenning kan als hefboom werken.
Mag de collectieve verdoving dan wel eerst in alle nuchterheid herkend worden?
Door de verstandigste?
Kan dit ook een jongere zijn?
Of een kind dat alle dagen warme truien draagt?
Karin van Hestia
OktoberMaanScout
zaterdag 13 februari 2010
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)

Geen opmerkingen:
Een reactie posten